microscopische eieren van een vissenlintworm ( linksom ), dioctophyme renale ( reuzennierworm, midden ) en de platworm echinostoma. Marissa ledger wetenschap fossiele uitscheiding tonen aan dat moerasbewoners uit de bronstijd wormen kregen door hun dieet za 17 aug 14:10 de bronstijd liep in centraal-europa van ca. 2. 500 voor christus tot ca. 800 v. Chr. En was de tijdsperiode waarin de europeanen van toen -zoals de naam al doet blijken- brons leerden lepelen, de legering van afnemer en tin. Het gebruik van dat opzienbarend goedje leidde tot een groot handelsnetwerk en een vroege vorm van globalisering in europa. Toch is er maar weinig geweten over de bronstijd overmits we er geen schrijven bronnen van hebben. Maar door nieuwe ontwikkelingen in dna- en isotopenonderzoek, kunnen archeologen sinds kort veel meer instuderen uit de beenderen van de mens uit de bronstijd. Het onderzoek van een interdisciplinair team duitse onderzoekers heeft nu 104 skeletten op 13 grote begraafplaatsen onderzoeken in het streek van de lechvallei, vlakbij ausburg. Daarmee bezitten ze een ongekende inkijk op de samenleving 4000 jaar geleden gekregen. Een van de 104 onderzochte skeletten uit het derde en tweede millennium v. Chr. © stadtarchäologie augsburg/the max planck institute for the science of human history. Familiegraven uitbrengen sociale project de lechvallei was tijden de bronstijd bezaaid met kleine boerderijen, waar een grote nucleaire geslacht tezamen leefde. Elke boerderij had een eigen begraafplaats. De 104 gevonden skeletten komen uit een tijdsperiode tussen 2. 800 v. Chr en 1. 700 v. Chr. Met dna-sequenties konden de duitse archeologen ook zes stambomen opstellen van de gevonden skeletten. “ we misten elk spoor van de jonge dochters. De zonen daartegenover bleven op de boerderij van hun ouders en hielden de rijkdom in hun geslacht ”, zegt teamlid alissa mittnik, postdoctoraal onderzoekster van de harvard medical schoolgebouw in boston. De familieleden, mannen én mannen liggen sluit bij jawel overstelpen, voorspellen van heel wat grafgiften, zoals bronzen bijlen, dolken en juwelen, wat een zekere status doet vermoeden. De begraafplaatsen bevatten wel twee groepen individuen die niet gerelateerd koopwaar aan de families. Enerzijds koopwaar dat mensen met armzalige graven, daarentegen mannen van hoge status. De kans dat die eerste groepering individuen inwonend huispersoneel of zelfs slaven koopwaar, is zeer groot. Er is in ieder geval sprake van een vroege standenmaatschappij en sociale ongelijkheid. “ deze bevinding is veel complexer dan we ooit dachten over een boerenbedrijf rond 2000 v. Chr. ”, zegt een van de leidende archeologen van het onderzoek, philipp stockhammer van de ludwig maximilian hogeschool munchen. De groepering “ onbekende ” mannen in de begraafplaatsen, zijn dan weer bewijs dat een vorm van uithuwelijking al bestond in de bronstijd. Chemie in de archeologie deze nieuwe inzichten zijn te abstineren aan nieuwe technieken in de archeologie. Naast de hulp van computer- en biochemische technieken om beenderen te reconstrueren, heeft vooral de chemie nieuwe deuren geopend met geochemische analyses van botfragmenten. De belg christophe snoeck is ook één van de grote namen betrokken bij dat onderzoek. Bij zo een geochemische anatomiseren nemen onderzoekers een isotopenanalyse om de uittanden van de gevonden skeletten te reconstrueren. Philipp stockhammer van het onderzoeksteam legt uit hoe dat werkt : “ uittanden opbouw zich laag per laag op tot we vrijwel 17 jaar zijn. De chemische mars van het terrein en milieu waarin we leven, wordt opgenomen in die tanden. ” specifieker kunnen de onderzoekers door het factor strontium, dat afhankelijk van de streek in specifieke mate dekmantel, de komaf van skeletten achterhalen. Uittanden opbouw zich laag per laag op tot we vrijwel 17 jaar zijn. De chemische mars van het terrein en milieu waarin we leven, wordt opgenomen in die uittanden philipp stockhammer, archeoloog ” als we de uittanden van de vrouwelijke skeletten onderzochten, ronken we een chemische samenstelling die niet overeen kwam met andere skeletten uit het zuiden van duitsland. De dichtstbijzijnde streek waar we die wel vonden was in de buurt van leipzig of bohemen, in tsjechië ”, legt stockhammer uit. De mannen kwamen dus van ver, tot wel 600 km, in een tijd buiten auto ’s of deftige wegen. Mannen al vroegtijdig op weg de stambomen, opgesteld door dna-sequentieonderzoek, gestresst meerdere generaties en volgen slechts de mannelijke lijn. Van de dochters uit die geslacht was geen spoor achterspeler te traceren in de graven. Tezamen met de ontdekte sporen van de ‘vreemde ‘ mannen van hoge status, wijst dat erop dat uithuwelijking in de bronstijd een welgekende praktijk was. Ik ben vrij beschermd dat niemand genoemd zal bezitten : ‘kijk dochter, je bent 17 jaar. Het is tijd om te gaan. Het is maar 600 kilometer. ‘ philipp stockhammer, archeoloog op onderstaande kaartje staat de mars die de “ onbekende ” mannen van hoge status afgelegd moet hebben. Een mars van honderden kilometers die tot vier maanden kon duren. Die uithuwelijking verbond families en gemeenschappen over honderden kilometers en moet grote netwerken tot stand bezitten gebracht, vermoedt stockhammer : “ ik ben vrij beschermd dat niemand genoemd zal bezitten : ‘kijk dochter, je bent 17 jaar. Het is tijd om te gaan. Het is maar 600 kilometer. Dat kan je wel alleen doen. ‘ er moet een soort georganiseerde reis zijn geweest via een handelsroutes en ze namen sowieso hun kennen en kundigheid mee. ” philipp stockhammer doet al langere onderzoek naar de mobilisatie van mannen in de bronstijd. In onderstaand filmpje legt hij uit hoe dat onderzoek verloopt : bronstijd in belgië the associated press2013 wetenschap opzienbarend licht op bouwers van stonehenge : waar kwamen zij vandaan? do 02 aug 2018 17:50 ook in belgië is men bezig met het vernieuwende strontiumonderzoek en andere geochemische analyses. Zo is laatst het ongelijkheid, “ crumbel ” van lancering gegaan, dat gecremeerde beenderen gevonden in belgië, van het neoliticum tot de vroege middeleeuwen zal onderzoeken. Het onderzoek zal geleid worden door archeoloog christophe snoeck van de vub, die met zijn strontiumanalyses ook baanbrekend onderzoek deed naar de mensen die stonehenge bouwden, 5. 000 jaar geleden. In noord-europa was crematie van de afwerken een meer voorkomende praktijk dan ze te begraven. Uit gecremeerde beenderen kan helaas geen dna gehaald worden. Door de techniek van snoeck kunnen gecremeerde botfragmenten ons toch nog veel instuderen, net zoals de skeletten uit de lechvallei dat bezitten gedaan. Het ongelijkheid zal vier jaar in deeg nuttigen, maar zal ons veel instuderen over de mensen die in onze verordonneren leefden, vanwaar ze kwamen en hoe hun samenleving was opgebouwd.